Modern narcosesysteem
Narcose
Diepe slaap en pijnloosheid tijdens de operatie
Een algemene anesthesie (volledige narcose) is een kunstmatig teweeggebrachte toestand van bewusteloosheid en pijnloosheid. De soort volledige narcose die in de Schüchtermann-Klinik het vaakst wordt toegepast, is de zogenaamde 'totale intraveneuze anesthesie' (TIVA). Daarvoor gebruiken wij een combinatie van geselecteerde en individueel gedoseerde geneesmiddelen (slaapmiddelen, pijnstillers en spierontspanners), die in een ader worden geïnjecteerd. In speciale gevallen wordt deze soort volledige narcose aangevuld met moderne narcosegassen, die via een narcosesysteem worden ingeademd.
De narcoseplanning begint al op de opnamedag met het premedicatiebezoek van de anesthesist. Nadat de anesthesist alle relevante uitslagen heeft doorgekeken, een lichamelijk onderzoek heeft uitgevoerd en een gesprek met de patiënt heeft gehad, bepaalt hij de individueel beste narcose. De patiënt moet toestemming geven voor de narcose en daarvoor desbetreffende formulieren ondertekenen. Voor de avond vóór de operatie en voor de dag waarop de operatie plaatsvindt, schrijft de anesthesist voorbereidende medicijnen voor. Deze zogenaamde premedicatie ontspant de patiënt en veroorzaakt een aangename moeheid.
Bij aankomst in de voorbereidingskamer worden eerste enkele elektroden en sensoren aangebracht om b.v. hartslag en ademhaling te bewaken. Vervolgens worden onder plaatselijke verdoving twee kleine katheters in de arm van de patiënt ingebracht. Eén katheter, die in een ader van de onderarm wordt geplaatst, is bedoeld als infuus voor medicijnen en vloeistoffen. Via de andere kleine katheter, die in een slagader in het handgewricht zit, wordt continu de bloeddruk gemeten.
De inslaapmiddelen die aan het begin van de narcose worden toegediend, werken al na 15 - 30 seconden en laten de patiënt snel en aangenaam inslapen. Na het inslapen ondersteunt de anesthesist met behulp van een beademingsmasker de ademhaling van de patiënt. Wanneer de patiënt diep en vast slaapt, worden de ademwegen vrijgemaakt door een slang (endotracheale buis) in de luchtpijp (intubatie) of in de keelholte (larynxmasker) te voeren. Tijdens de narcose wordt de patiënt via deze slangen kunstmatig beademd.
Daarna voert de anesthesist verdere maatregelen uit, die deel uitmaken van een uitgebreide bewaking en veiligheid. Daartoe behoort b.v. het invoeren van een katheter in een ader in de buurt van het hart. Vervolgens wordt er een verblijfskatheter en een temperatuursonde evenals indien nodig een maagsonde ingebracht. Ter bewaking van de hersenfuncties brengt het anesthesieteam direct vóór het begin van de operatie andere speciale plaksensoren aan op het hoofd van de patiënt, die de hersenactiviteit (EEG) en de zuurstofsaturatie in de hersenen meten.
Veiligheid door zeer moderne medische techniek
De anesthesist bewaakt de patiënt gedurende de gehele operatie met behulp van een zeer moderne medische techniek. Tot deze bewaking behoren ook regelmatige bloedonderzoeken. Gemiddeld worden tijdens de narcose ca. 80 verschillende patiëntwaarden bepaald, die nauwkeurige informatie geven over de lichaamsfuncties. Zo is een individuele en veilige regeling van de narcose mogelijk. Alle bepaalde patiëntwaarden worden computerondersteund geregistreerd.
Alle patiëntwaarden in één oogopslag in het online-narcoserapport
Volledige narcose: noodzakelijk en veilig
Zonder volledige narcose zou een groot aantal levensreddende operaties niet kunnen worden uitgevoerd. Juist bij hartoperaties is het toepassen van de volledige narcose onvermijdelijk.
In Duitsland ondergaan elk jaar ca. 6.000.000 patiënten een volledige narcose, de volledige narcose is tegenwoordig een veilige routineprocedure. Dankzij moderne anesthesie standards en narcosemiddelen zijn ernstige anesthesiecomplicaties bijna uitgesloten, het anesthesierisico is zeer gering.




